Sinds 1 juli 2026 kan je in principe in elke sector flexi-jobbers inzetten. Alleen sectoren die via een opt-out geheel of gedeeltelijk zijn uitgesloten, vormen een uitzondering. Die uitsluitingen zijn opgenomen in het koninklijk besluit van 30 augustus 2026, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 9 september 2026.
Ook in de toekomst kunnen sectoren nog opt-outs in koninklijke besluiten laten opnemen nadat ze de uitsluiting eerst vastlegden in een sectorale cao.
Voor werkgevers biedt die uitbreiding extra mogelijkheden om tijdelijke drukte, onverwachte afwezigheden of seizoenspieken op te vangen. Tegelijk blijven er belangrijke voorwaarden gelden. We zetten de belangrijkste regels voor je op een rij.
Niet iedereen kan zomaar een flexi-job uitoefenen. De belangrijkste voorwaarden zijn:
De hervorming versoepelt bovendien de regels rond tewerkstelling in verbonden ondernemingen. Voortaan zal een flexi-job in een verbonden onderneming wel toegelaten zijn voor werknemers die daar voltijds werken, terwijl de beperking blijft gelden voor deeltijdse werknemers met minstens een 4/5de-contract.
Dat maakt het makkelijker om flexi-jobs in te zetten binnen ondernemingsgroepen en multi-ondernemingsstructuren, zonder het oorspronkelijke evenwicht van het systeem los te laten.
Opgelet: in het kwartaal van de flexi-job moeten ook nog andere voorwaarden vervuld worden.
Een flexi-job kan je helpen om snel extra ondersteuning in te schakelen. Bijvoorbeeld bij:
Het systeem combineert flexibiliteit met een aantrekkelijk kostenplaatje en eenvoudige formaliteiten. Denk aan:
De algemene openstelling betekent niet dat de regels overal identiek zijn. Sectoren kunnen ten allen tijde via een opt-out eigen uitsluitingen laten vastleggen. Ook de regels voor flexi-jobs moeten nageleefd zijn.
Ga daarom vóór elke aanwerving na: